Verkeerstheorie

12. Veiligheid

Een ongeluk zit in een klein hoekje. Dit is een bekend gezegde dat je vaak hoort. Wat bedoelt men hiermee?

Nou, dat je van alles moet doen om ongelukken te voorkomen. Zoals je al weet, ben je in het verkeer nooit alleen. Door bijvoorbeeld een heel klein foutje van een ander kan er een ongeluk gebeuren, waardoor je gewond kan raken. Daarom is het heel belangrijk om altijd voorzorgsmaatregelen te treffen voor je veiligheid.

De autogordel

Op Sint Maarten staan in de verkeerswetten alle regels die gelden voor het verkeer en de gebruikers. In deze wetten staan ook regels over het gebruik van een autogordel.

In de wet staat:

  • Zowel de bestuurder als alle passagiers van motorvoertuigen moeten een autogordel gebruiken.
  • Kinderen jonger dan 4 jaar moeten verplicht vervoerd worden in een speciaal kinderbeveiligingssysteem zoals een Maxi-Cosi.
  • Passagiers met een lengte van minder dan 1,50 meter gebruiken een driepuntsgordel als heupgordel of een driepuntsgordel als gebruik wordt gemaakt van een kinderbeveiligingssysteem.
  • Passagiers met een lengte van minder dan 1,50 meter gebruiken de zitplaats naast de bestuurder alleen indien geen voorairbagsysteem aanwezig is, of is uitgeschakeld.
  • Een kinderbeveiligingssysteem kan op de zitplaats naast de bestuurder bevestigd worden in motorvoertuigen zonder voorairbagsysteem, of indien het voorairbagsysteem is uitgeschakeld, en de passagier tegen de rijrichting inkijkt.

Het is heel jammer dat verpleegkundigen dagelijks verschillende licht en zwaar gewonden moeten behandelen. Door een auto-ongeluk kunnen mensen die geen autogordel dragen uit het motorvoertuig tegen de voorruit of het stuurwiel geslingerd worden.

Jaarlijks raken ongeveer 80 kinderen lichtgewond en 10 kinderen zwaargewond in ons verkeer. In de meeste gevallen hadden deze kinderen de autogordel niet om.

Denk eraan: de autogordel is geen versiersel. Autogordels zijn er al heel lang, maar nog niet iedereen beseft hoeveel leed je kan besparen door het gebruik. Hieronder twee video's. De eerste video laat zien hoe oud de autogordels al zijn — deze video werd al in 1971 getoond. De tweede video laat de impact zien bij een ongeluk zonder en met gebruik van gordels. Jaarlijks zijn er campagnes die het gebruik van autogordels onderstrepen, want heel veel mensen beseffen dit nog niet.

Kan je na het zien van de video's de onderstaande vraag beantwoorden?

Als je goed oplet, bestaat de autogordel uit twee stuks. De beste manier om de autogordel te dragen is:

  • Men moet hem over het bekken en over het borstbeen, de ribben en het sleutelbeen dragen. Niet over de buik of over de arm. De hoofdregel is dat de gordel voor de botten is, niet voor het vlees.
  • De gordel moet niet gedraaid zijn, want dan is hij smaller geworden en kan hij bij een botsing insnijden in het vlees.
  • Als de gordel met speling wordt gedragen, is hij minder effectief. Dus zo strak mogelijk dragen. De gordel is vaak verstelbaar.

De hoofdsteun

Stel je hoofdsteun goed af. Voor in de auto en bij sommige auto's ook achter in de auto heb je de hoofdsteunen.

  • De bovenkant van de hoofdsteun is gelijk aan de bovenkant van je hoofd.
  • De afstand tussen hoofd en hoofdsteun is kleiner dan 4 cm.

Waarom een hoofdsteun?

Omdat je bij een aanrijding, vooral een achteraanrijding, een nekletsel kan oplopen. Dit nekletsel noemen we ook whiplash. Nekletsel kan een heleboel klachten veroorzaken, zoals hoofdpijn, misselijkheid en wazig zien.