Verkeerstheorie

10. Taal van de weg

Een auto kan niet praten. Een weg kan niets zeggen. En als fietser roept dat hij links wil afslaan, hoort niemand wat hij zegt. Toch moeten de auto, de weg en de fietser de hele tijd dingen aan elkaar vertellen zoals: wanneer ze links- of rechtsaf willen gaan, waar men moet rijden, en waar je moet stoppen en waar je niet mag inrijden. Auto's, wegen, fietsers en voetgangers kunnen gelukkig ook zonder woorden met elkaar praten. Ze geven elkaar tekens. 

Het gebruik van tekens begon al heel lang geleden. Denk eens aan de indiaanse tekens die we in grotten kunnen zien. Tot de dag van vandaag maken we veel gebruik van tekens. Denk eens aan de gebarentaal waarmee mensen met spraak- en of gehoormoeilijkheden met elkaar communiceren en de verschillende tekens op of naast de weg. Het voordeel van het gebruik van tekens is dat iedereen ze kan begrijpen, ongeacht de taal die men spreekt. 

Maar vergis je niet! Tekens worden niet zomaar gebruikt. Er zijn regels aan verbonden.

Tekens verstrekken informatie, ze vertellen iets.

De meest gebruikte symbolen op verpakkingenSymbool 'rolstoel wc 1' Stockfoto's van Timeout,  Niet Roken en Sigaret

Kijk eens naar de tekens die hierboven staan afgebeeld. Deze tekens vertellen je iets.

Als je goed oplet, merk je dat er overal tekens zijn die zeggen wat je wel of niet mag doen, dat je moet opletten, enzovoorts.

Bij de meeste tekens zie je alleen een afbeelding, dus er staan geen woorden bij. Ook in het verkeer moet men met tekens werken. Tekens op het wegdek, tekens langs de weg en tekens die wij zelf moeten geven. Zo praten we met elkaar in het verkeer. Dus in het verkeer gebruiken we als het ware een taal. 

Die taal noemen we: Taal van de weg


De taal van de weg verdelen we in: 

- actieve taal van de weg

- passieve taal van de weg